De avond ervoor. Breng de melk met de gekneusde kardemom peultjes aan de kook en laat afkoelen. Haal de peultjes uit de melk en meng met de patentbloem, gist, zout, suiker en het ei tot een samenhangend deeg. Voeg dan beetje bij beetje de boter toe tot dit helemaal is opgenomen en het een soepel deeg is. Dek af met folie, doe de kom in een plastic tas en zet in de koelkast tot de volgende ochtend.
De volgende ochtend: Meng voor de vulling de zachte boter, lichtbruine basterdsuiker en gemalen kardemom.
Rol het deeg op een bebloemd aanrecht uit tot een lange lap en smeer in met de kardemomsuiker/boter. Vouw als een enveloppe dicht en rol uit tot een lange lap van min 32 cm breed.
Snij 10 stroken van 3 cm breed, de zijkanten van 1cm kan je wegdoen. Snijd elke strook in zodat alleen het uiteinde nog vast zit, draai de losse stroken en rol dan om je vingers heen en vouw het uiteinde over en dan onder het deeg zoals je in het filmpje ziet.
Laat 45 min rijzen tot ongeveer verdubbeld. Verwarm intussen de oven voor op 200 graden (boven- en onder).
Smeer in met opgeklopt ei en bak 15-17 minuten af.
Maak intussen de siroop door de suiker en het water te verwarmen tot je een dikke siroop hebt (gaat best snel dus blijf erbij, je wil niet dat de suiker verkleurt).
Smeer de broodjes na het bakken in met de siroop en dien op.